Wie ben ik?

Ik ben Sam(uel) Sercu, °19/07/1967, oudste van zeven kinderen in het meest liefhebbende gezin dat een mens zich maar kan wensen. Geboren en getogen en altijd geleefd in Ardooie, maar sinds maart 2015 woon ik in Eke. Na 18 jaar als maatschappelijk assistent, later diensthoofd bij bouwmaatschappij De Mandel in Roeselare op ziekteverlof sinds de dag van mijn diagnose, in april 2012.
Ik heb vier fantastische kinderen, my pride and joy, en ben
na mijn diagnose uiteindelijk in augustus 2015 gescheiden. Nu heb ik een relatie met Anouk, mijn eigenste persoonlijke heks/fee…

IMG_0080Ik ben gelukkig dat het mogelijk is gebleken de heftige periode van bijna vier jaar ziek zijn heb mogen beleven in het grootste begrip van mijn omgeving en mijn geliefden.

Gelukkig omdat de mensen waarmee ik leef altijd weer in staat zijn om begrip te tonen, mij te helpen dragen, en te omringen met zoveel liefde en toewijding.

Op 1 september 2015 had ik de eer te spreken op Levensloop Kortrijk, voor ik daar met mijn broers een optreden mocht spelen. Een emotionele gebeurtenis, waarvoor ik een tekst geschreven had. De reacties waren hartverwarmend.

Die tekst zegt veel over de laatste jaren, daarom post ik hem hieronder. It pretty much says it all 🙂

Leven met de dood

3 jaar en vijf maanden leven met de dood. Maar ook met het leven.

Ik heb nog nooit zo intens geleefd als vanaf de dag dat ik mijn doodvonnis kreeg: maagkanker met uitzaaiingen, ongeneeslijk. Ik weet nog dat ik na het eerste verschot, terwijl ik nog bij de dokter was, dacht: voilà, dat was het dan: nu volgt mijn grote eindexamen. En ik ga slagen.

Kanker is een zwaard van Damocles dat boven je hoofd hangt. Een zwaard dat op elk moment kan vallen. Sommigen zien en voelen het einde aankomen, anderen krijgen niet eens de tijd om te beseffen wat hen overkomt. Nog anderen overleven, genezen zelfs, maar veranderen onherroepelijk. Eens de ziekte je lichaam binnengeslopen is, ben je nooit meer dezelfde.

We know the drill, wij allen. We weten het. We hoeven elkaar niets uit te leggen. De angst, het verdriet, de onzekerheid. Het keer op keer hopen op een beetje goed nieuws. Misselijk zijn, kotsmisselijk, voelen hoe je lichaam aftakelt, even de tijd krijgen om te herstellen van een chemodosis, of bestraling, en hop maar weer: verder met de behandeling. Zien dat de mensen die het dichtst bij je staan, mee moeten stappen in dat ‘ziek zijn’, met alle verdriet en angst die ermee gepaard gaan…

Geen mooi ding op zich, kanker. En waar kanker vroeger eerder een zeldzaamheid was, worden we er nu allen meer en meer mee geconfronteerd. Overal rondom ons is kanker aanwezig. Om het kort door de bocht te zeggen: we zijn geen uitzonderingen meer. Kanker bepaalt een groot gedeelte van het sociale en economische en emotionele leven in onze maatschappij.

We zijn gezegend dat we in België ziek mògen zijn. We krijgen verzorging en behandelingen waar miljoenen anderen slechts kunnen van dromen. Ik ben me daar dagelijks van bewust. En toch lijkt het alsof de maatschappij kanker nog steeds als een rariteit beschouwt. Dat is het niet meer. Deal with it, Vlaanderen.

Ik heb voor mezelf beslist om mijn hoofd niet te laten hangen. Om me niet te laten domineren door mijn kanker. En ik slaag daar bijlange niet altijd in. Ik vergeef het mezelf als ik mijn hoofd wél laat hangen, als de moed me in de schoenen zinkt, of als ik vind dat ik niet zo sterk ben als ik zou willen zijn. Door zwak te durven zijn ben ik sterker. Ik ben God niet. En ik heb verdorie wel kanker hé zeg.

Ik kan niet spreken voor anderen, elk heeft zijn eigen geschiedenis. En voor iedereen is die anders. Ik heb het geluk omringd te zijn door mensen die me graag zien. Heel veel is me – al dan niet tijdelijk – afgenomen,  gezondheid, zelfstandigheid, werk, mijn seksualiteit, mijn geheugen vandaar dit blaadje) , de relatieve zekerheid te leven. Dat is zo, maar ik heb ook veel in de plaats gekregen. Vooral veel knuffels, kussen, brieven en mails, en veel, heel veel liefde. Liefde die er al altijd was, maar kanker maakt dat niemand – noch ik, noch de anderen – zich nog geremd voelt om die te tonen. ’t Is tòch erop of eronder, waarom ons nog inhouden?

Kanker is een ernstige zaak. Pijnlijk, triest, hopeloos vaak… Aan de andere kant, kanker ontdeed mijn leven van alle ballast. Alle dingen die in wezen niet belangrijk waren, werden voor mij ook echt onbelangrijk. Kanker is voor mij een uitdaging om op zoek te gaan naar de mens die ik echt ben, en om mijn ogen te openen voor wie de anderen echt zijn. Kanker pelt mij laagje voor laagje af, tot alleen de essentie overblijft; voor mij is dat de liefde, in al haar facetten.

Velen zeggen mij: blijven vechten. Ik heb nog geen dag gevochten tégen mijn ziekte. In mijn hart en hoofd is het mijn arts, Jochen Decaestecker, die  samen met zijn team vecht tegen mijn ziekte, terwijl ik me bezighoud met leven. Ik wil àlles weten, en ik  ben blij een arts te hebben die mij ook alles vertelt. Ik ga mijn weg samen met hem, en in de loop van de voorbije tijd is hij – zoals hijzelf het mooi uitdrukt – mijn compagnon de route geworden. Ik ervaar van zijn kant een grenzeloos respect voor de mens die ik ben. Ik ervaar eerlijkheid als de waarheid pijnlijk is, of zelfs als de waarheid niet duidelijk is, en hij het ook niet zo goed meer weet. Ik mag in de eerste plaats Sam zijn, en mijn kanker is iets dat mij stomweg overkomen is.

Toen ik pas mijn diagnose had gekregen, en nog in het kabinet bij de dokter zat die net mijn doodvonnis had uitgesproken, dacht ik aan een cartoon. Een cartoon van Hagar De Verschrikkelijke, die in het midden van een storm naar de wolken roept: WAAROM IK??!! En uit de wolken komt een stem: WAAROM NIET? Toen zag ik de humor en de relativiteit in van wat mij overkwam.

Ik ben nu 48. Ik ben niet bang om te sterven. Ik beschouw de dood als de ultieme rechtvaardigheid. De dood is voor iedereen gelijk. Alleen de weg ernaartoe is voor iedereen anders: voor de één moeilijk, voor de ander gemakkelijk, voor de één snel, voor de ander traag, voor de één vroeg, voor de ander laat. Maar uiteindelijk sterven we allemaal. Het is aan ons om de tijd die we hier krijgen zinvol in te vullen. Het is aan ons om kanker zin te geven, elk voor zichzelf. En lukt dat niet, dan is ’t ook OK. Geen van ons heeft erom gevraagd.

Ik probeer het voor mezelf te doen, elke dag opnieuw, met vallen en opstaan. Soms lukt het, soms helemaal niet. Statistisch gezien kan ik niet genezen, ik dacht in april 2012 nog een paar luttele maanden te hebben… Bleef ik wel leven zeker?! Maar vroeg of laat valt dat zwaard van Damocles naar beneden. En tot die tijd denk ik:

Ik heb grote vakantie voor de rest van mijn leven, en ik mag alles zeggen wat ik denk, want ik heb kanker (en als mensen me niet begrijpen, kan ik nog altijd zeggen: ’t ligt aan de chemo). En ik ben een VIP (een very ill person), dus ik heb privileges. Een mens moet ook eens kunnen lachen…

Maar zonder zeveren:

Als ik sterf, zal ik niet kunnen zeggen dat ik niet ten volle geleefd heb.

en raar maar waar, dat is DANKZIJ mijn kanker.

En mijn moeder, die in 2013 verongelukte, maar nog altijd aan mijn zijde staat, had gelijk toen ze zei: “Joengetje, uiteindelijk blijft er slechts één ding over: de Liefde”

5 gedachten over “Wie ben ik?

  1. Dag Sammeke lief. Ik kom naar Belgie alleen tussen 3 en 6 Maart. Hopelijk mag ik op een van die dagen langs komen en sketches en portraituur van jou proberen te tekenen… mag dat? Kan dat? Message me via face-book my dear cosen. Keep it up!

    Like

  2. Hoi, ik ontdek pas vandaag jouw blog…. Wat een kostbare ontdekking!
    Ik vind het jammer dat onze moeders die niet meer kunnen lezen…
    Ons mama is in december 2018 overleden. Ik hoor het jouw moeder echt zeggen – ik herinner me haar stem – en ze had helemaal gelijk… over die liefde die overblijft!
    Warme groet, Inge

    Like

    1. Dank je voor het compliment… Zo recent je mama kwijt… ach. Ik hoop voor jou dat er naast het verlies ook vrede in je hart is… Ik leef zelf nog elke dag met mijn moeder, ze is overal aanwezig in de dingen die ik doe, en dat geeft rust… Ik wens je hetzelfde, Inge… take care x

      Like

  3. Dag Sam, als dokter David de zoon is van een dokter David, dan is Anouk wrslk. Familie van hem. Ik herinner me uit m’n kinderjaren dat m’n vader Williy minstens 1X per jaar een treffen had met een vriend, neef, arts uit z’n geboortestreek.
    Groetjes John, je weet wel; Anouks pa

    Like

Geef een reactie op Sam Reactie annuleren